De komende werelddag

In de vorige week was het de liefde die in het hart gewekt werd door de zekerheid van het werelddenken. Nu biedt het innerlijk de stralen van de hoop aan de komende werelddag. We voelen nu de kracht van het zijn, en de helderheid van het denken spreekt dit uit, terwijl het bewust is van het groeien van de geest, zoals dit zich voltrok in de uiterlijk donkere wintertijd.

Liefde in het hart

Het in de vorige week beschreven krachtige denken komt nu als licht uit de wereldhoogten tot ons, als zekerheid van het werelddenken. De machtige stralen bundelen zich om in het mensenhart de liefde te wekken. Uit het mensendenken dat zich buiten zichzelf omkeert tot werelddenken ontstaat de ware liefde.

Denkkracht

In de natuur komt nu de kiem- en groeikracht op en die geeft de zintuigindrukken die altijd schijnen, meer leven. Die natuurlijke lust in het worden heeft de denkkracht nodig die met haar overeenkomt, en die in herfst en wintertijd gesterkt is door de goddelijke krachten in het menselijke innerlijk.

Volle helderheid

In deze week wendt het hoogtepunt van de winter, de heldere denkkracht, zich naar de zintuigen, nog niet als een volkomen activiteit, maar als een doorweven van de zinnen met de gedachtenmacht. Het is het eerste gebaar van het denken in de richting van de zintuiglijke wereld: het brengt de zintuigen in een toestand van volkomen helderheid. Alleen op deze wijze kunnen de zintuigen deze helderheid verkrijgen en kan een zuivere waarneming worden bereikt. Dan kan de volheid van de ziel zich verenigen met het wereldworden. De zintuigen zijn niet slechts fysieke organen die werkzaam zijn door eigen kracht. Het denken moet door de zintuigen heen schijnen opdat ze tot volledige helderheid worden verlicht.

Verwarrend spruitend wereldworden

In deze en in de volgende week bereiken we een volkomen helderheid van denken. Dan zal het keerpunt komen, een toeneiging  naar de uiterlijke wereld. In deze weken hebben we nog voldoende denkkrachten en helderheid in het denken om dit volbewust in de beginnende groei van de buitenwereld binnen te dragen.

Het vuur van de ziel

Wat we de vorige week beleefd hebben, wordt nu nog sterker. Het is de warmte van de geest die de winterdiepten verwarmt. De schijn van de wereld, dat is niet het volle zijn, wordt nu tot reële macht van het zijn. De krachten van het hart geven deze macht. We kunnen leren te voelen dat de innerlijke warmte, het vuur van de ziel, als een macht werkt om de koude van de wereld te weerstaan.

Eigen kracht

De uiterlijke wereld is nog donker, al worden de dagen langzamerhand langer. De natuur is rustig, het is meer het minerale karakter dat nu kan worden waargenomen. Maar in het innerlijke leven van de mens kan nu de eigen kracht sterk worden gevoeld en dit geeft de drijfveer om zichzelf te openbaren en naar buiten te brengen. De warmte van het hart is een soort zintuig waarmee de komende openbaring van de zintuigwereld kan worden voorvoeld.

Mensenliefde en mensenwerk

Een prachtig beeld ligt in deze weekspreuk verborgen. We voelen de sterke goede macht van de ziel. Zij is met geest doordrongen, met goddelijke krachten, en dus wil ze deze goddelijke krachten door haar daden in de uiterlijke wereld brengen. Zij wil zichzelf vorm geven, wil een wezen worden dat zo gevormd is dat zij in staat is om zichzelf in ware mensenliefde en echt mensenwerk te metamorfoseren.

Geestesdiepten

In de heilige Nachten kwam ik tot in de spirituele diepten en nu wordt mijn ziel gevuld met de vuurkracht van het Wereldwoord, waar anders de lege waan van de eigenheid leeft. Dit is een waarachtige imaginatie van Epifanie. Het is een verlichting die klinkt.

Er is een roos ontsprongen

Er was eens… een heel grote Vader-Koning. Ik heb jullie vroeger al wel eens over Hem verteld. Hij was – en is en zal altijd zijn – de grootste koning en de machtigste vader van de hele wereld. Er was niemand groter en machtiger dan hij. Hij wist ook alles, al vóór dat het er was. Hij dacht een gedachte… en het wás er.