Weekspreuk 27, 6 – 12 oktober

Weekspreuk 27

In de diepten van mijn wezen dringen:
Het wekt een verlangen vol voorgevoel,
Dat ik mij zelfaanschouwend mag vinden,
Als zomerzonnegave, die als kiem
In herfststemming warmend leeft
Als krachtdrijfveer van mijn ziel.

In meines Wesens Tiefen dringen:
Erregt ein ahnungsvolles Sehnen,
Dass ich mich selbstbetrachtend finde,
Als Sommersonnengabe, die als Keim
In Herbstesstimmung wärmend lebt
Als meiner Seele Kräftetrieb.

HERFST

Onze weg ligt nu in de omgekeerde richting. We verliezen onszelf niet aan de wereld maar we vinden onszelf steeds meer in de diepten van ons wezen. Er ontwaakt een zelfaanschouwing en we hebben een verlangend voorgevoel dat er ooit een tijd zal komen dat we onszelf zullen vinden door onszelf te aanschouwen.
Mijzelf vinden betekent hier dat de kiem die in de zomer ontwikkeld is, in de herfststemming zal ontkiemen. Het is de krachtdrijfveer van mijn ziel die nu nog een kiem is, maar die zich tot volle groei en bloei zal ontwikkelen.
We kunnen trachten dit ’thuiskomen’ bij onszelf te voelen, de verwarmende herfststemming te voelen, de activiteit van de ziel te voelen.

 

Deze weekspreuken zijn door Rudolf Steiner gegeven in 1912 / 1913: Anthroposophischer Seelenkalender.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Wie is Mieke Mosmuller?

Mieke Mosmuller is arts, schrijfster en filosofe. Zij schrijft over actualiteiten die raken aan haar filosofisch-spirituele ontwikkelingsweg die zij startte in 1983…

Recente artikelen

Ik heb vorige keer gezegd, alles blijft altijd hetzelfde. Het is natuurlijk duidelijk dat dat niet over de inhoud gaat, want inhoudelijk zijn er natuurlijk...
Ja, in onze tijd wordt opnieuw zo duidelijk hoezeer de wereld de antroposofie nodig heeft als cultuurfactor. Natuurlijk kan men zeggen: ja, de antroposofie is...
Ja, na enige tijd heb ik dan weer de moed gevat om hier te gaan zitten en het een en ander onder woorden te brengen....

Volg Mieke Mosmuller

Meest recente video

Wanneer uit de wereldwijdten
De zon spreekt tot de mensenzin
En vreugde uit de zielendiepten
Met het licht zich verenigt in het schouwen,
Dan trekken uit de omhullingen van het zelf
Gedachten in de ruimteverten
En verbinden dof
Het mensenwezen met het zijn van de geest

Wenn aus den Weltenweiten
Die Sonne spricht zum Menschensinn
Und Freude aus den Seelentiefen
Dem Licht sich eint im Schauen,
Dann ziehen aus der Selbstheit Hülle
Gedanken in die Raumesfernen
Und binden dumpf
Des Menschen Wesen an des Geistes Sein.

Volgende seminar

30.03.2026 – 01.04.2026
In der Woche vor Ostern besuchen wir unter der Leitung von Mieke Mosmuller die Kathedrale von Chartres.