Weekspreuk 18, 4 – 10 augustus

Weekspreuk 18

Kan ik de ziel wijd maken
Opdat zij zich zelf verbindt
Met het ontvangen Wereld-Kiemwoord?
Ik voorvoel dat ik kracht moet vinden
Om de ziel waardig vorm te geven
Zich tot Geesteskleed te vormen.

Kann ich die Seele weiten,
Dass sie sich selbst verbindet
Empfangnem Welten-Keimesworte?
Ich ahne, dass ich Kraft muss finden,
Die Seele würdig zu gestalten,
Zum Geistes-Kleide sich zu bilden.

Nu heb ik het geestgeschenk ontvangen, maar moet de grootsheid van de ziel ontwikkelen om haar te kunnen verenigen met het kosmische Woord. De ziel moet een kleed worden voor de geest. Hier kunnen we weer een gelijkenis beleven met het ‘Magnificat’ van Maria:

Magnificat anima mea Dominum. Et exsultavit spiritus meus in Deo salutari [Salvatore] meo.
Dit is de lofzang van Maria om de Heer te prijzen, in het Lucas – Evangelie, I, 46 -55.
Maria zegt: Mijn ziel verheerlijkt (vergroot) de Heer en mijn geest jubelt in God, mijn Redder (Weldoener).

Maar we kunnen hierin tevens beleven hoe de ziel zelf groot moet worden om de Heer te kunnen verheerlijken, om het Woord te kunnen ontvangen.

 

Deze weekspreuken zijn door Rudolf Steiner gegeven in 1912 / 1913: Anthroposophischer Seelenkalender.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Wie is Mieke Mosmuller?

Mieke Mosmuller is arts, schrijfster en filosofe. Zij schrijft over actualiteiten die raken aan haar filosofisch-spirituele ontwikkelingsweg die zij startte in 1983…

Recente artikelen

De vorige keer heb ik het een en ander over waarheid geprobeerd te zeggen. Ja, en het is natuurlijk altijd maar een kwartiertje ofzo, langer...
Ik wil vandaag, met het oog op de komende herfst, waarin wij opnieuw onze denkkrachten kunnen ontwikkelen, iets bespreken met betrekking tot meditatie. Wanneer wij...
Ja, we zijn weer eens terug, in de warme zomer hebben we ons toch wat teruggetrokken, wat betreft de video's althans, en nu ga ik...

Volg Mieke Mosmuller

Meest recente video

Ik mag nu mijzelf toebehoren
En lichtend innerlijk licht uitbreiden
In de duisternis van ruimte en tijd.
Tot slapen beweegt het natuurlijke wezen,
De diepten van de ziel moeten waken
En wakend dragen zonnegloed
In koude wintervloed.

Ich darf nun mir gehören
Und leuchtend breiten Innenlicht
In Raumes- und in Zeitenfinsternis.
Zum Schlafe drängt natürlich Wesen,
Der Seele Tiefen sollen wachen
Und wachend tragen Sonnengluten
In kalte Winterfluten.

Volgende seminar

30.03.2026 – 01.04.2026
In der Woche vor Ostern besuchen wir unter der Leitung von Mieke Mosmuller die Kathedrale von Chartres.